Oorsprong van de familienaam Veltrup

(Met dank aan P.J. van Wermeskerken)

Wat is eigenlijk de oorsprong of verklaring van de familienaam VELTRUP?
De naam Veltrup stamt van de boerengemeenschap Veltrup, gelegen in het nedersaksische graafschap Bentheim nabij Steinfurt.

Bentheim 1645
1645 - Comitatus (Provincies) Benthem & Steinfurt

Wat betekent nu de plaatsnaam en daarna de familienaam VELTRUP?
De boerengemeenschap Veltrup werd voor het eerste vermeld als VILLA VELIUN in het jaar 890 n.C., in de archieven van de Abdij van Werden aan de Ruhr.
Voor de hand liggend ging de eerste veronderstelling uit naar VEL = FELD, omdat bij "VELT" vaak de T werd weggelaten bij het eerste deel van de naam. Omdat reeds in 1129 n.C. de naam VILLA VELTORPE voorkomt, kan van deze veronderstelling bij de naam Veltrup niet worden uitgegaan. Het bepalend woord moet dus inderdaad VEL of FEL luiden. Het is bekend dat in Westfalen en Niedersachsen juist de plaatsnaam het oudste taalgebruik hebben doen bewaren en weliswaar zijn in plaats- en gebiedsnamen taaluitspraken behouden, die in de omgangstaal al lang zijn verdwenen (in onbruik zijn geraakt), of in het geheel niet in de duitse taal(schat) opgenomen werden.
Deze VEL of FEL moet dus van oergermaanse afkomst zijn. Er verschijnt nu ook meteen een noordelijke FEL met de betekenis van "heuvelketen".

Wat de vorm - TRUP betreft, deze is een in ontelbare Westfaalse dorpsnamen voorkomende vorm van het Nederduitse ’dorp’. De weg voerde(ging) via DUARP - DRUP - TRUP, waarbij de R van plaats verwisselde.
Door de Westfaalse onderzoeker Jellinghaus werd VELTRUP als "het dorp op de heuvel" aangeduid, dus als hoger gelegen boerengemeenschap.

Zoals hierboven gezegd, wordt de boerengemeenschap Veltrup voor het eerst genoemd in 890 n.C. als een Villa Veliun. Maar de boerengemeenschap is waarschijnlijk veel ouder, dit suggereren de Veltruper Esche en de met Woort aangewezen percelen.
De hoofdboerderij (burgemeesterboerderij) van de boerengemeenschap Veltrup was ongetwijfeld de voormalige Saksische boerderij van Schulzen (burgemeester) Veltrup. De naam "Sellbreide" voor een perceel van de Nieder Esche herinnert vandaag nog aan het voormalige aanduiding van de boerderij, omdat Selehof betekent "hoofdboerderij".

Ook de naam van de nabijgelegen boerderij Wessendorf, oorspronkelijk Westendorp, suggereert dat hij in het westen van een belangrijke boerderij lag, naast de burgemeester boerderij Veltrup. Die met zijn verdediging faciliteiten (opslag en grachten) en op een uitstekende plaats gelegen de bescherming van de lager gelegen boerderijen overnam.

Aangezien de Villa Veliun (met het hoofdboerderij Veltrup) naast de Villa Seliun (met de hoofdboerderij op het plaatst van het huidige kasteel) wordt vermeld in het jaar 890, mogen we daaruit concluderen dat de voormalige eigenaar van de hoofdboerderij Veltrup oorspronkelijk gelijk waren met de voorgangers van de dynastieën of Edelheren von Steinfurt.
Waarom de boerderij niet in dezelfde rang opsteeg als de oude hoofdboerderij op de plaats van het kasteel, zou nog onderzocht moeten worden.

Rondom Burg Steinfurt liggen de drie boerengemeenschappen Hollich, Sellen en Veltrup, die er allang voor de stad gevestigd waren en vanuit hun grondgebied heeft zich pas later de stad ontwikkeld.
Voor elke boerengemeenschap moeten we een hoofdboerdeij hebben. Wat de voorloopster van het kasteel van Sellen en de voorloopster van het kasteel Ascheberg voor Hollich waren, de was de boerderij Veltrup voor de boerengemeenshap Veltrup, de Villa Veliun.

Een grondig onderzoek zou nog moeten aantonen hoe het kwam dat deze hoofdboerderij van een boerengemeenschap later aan een van de edelen von Steinfurt en later graaf van Bentheim-Steinfurt boerderij afzakte.


Wordt vervolgd ...

Originele tekst


De boerengemeenschap Veltrup was een groepering van oorspronkelijk 8 boerderijen rond een burgemeestersboerderij SCHULZE - VELTRUP (hoofdboerderij). Deze negentallige groep wordt als "ontginningsgemeenschap" en "Essengenootschap" (bouwgrondengenootschap) aangeduid.
Om de burgermeesterboerderij SCHULZE - VELTRUP groepeerden zich de volgende boerderijen: Wostmann, Wessendorff, Werning, Jessing, Dreihus, Wesseling, Koninck en Beckmann.
Bijna alle hoofdboeren en pachters in de omgeving hadden in de door vestingwerken versterkte stad een toevluchtsplek. Zij diende als “lijftocht” of in oorlogstijden als toevluchtsoord. (om het vege lijf te redden).

Stenvorde 1420
ca.1420 - Stenvorde (Steinfurt)

In de bewaard gebleven wachtrollen van de stad Stenvorde (Steinfurt) van 1402 en 1425, werden naast de andere burgers der stad, de volgende hoofdboeren en pachters als dienstplichtigen vermeld: De schulte van Veltorpe, de schulte van Gemert, de schulte Asceberg, de schulte Spenningesberg, de schulte Byscoping (de Hoofdboeren), de meygersche Palstering, de meygersche Ludgering, en de Meygersche Wermolding (de pachters). Voor elk der bovengenoemden is een segment van de stadsmuur als wachtstandplaats aangegeven, in de onmiddellijke omgeving van de toevluchtsplek.

Externe links:
Opslag op de boerderij Schulze Veltrup
Nederlandse familienamenbank
Burgsteinfurt
Steinfurt (Wikipedia)
Abdij van Werden (Wikipedia)


.. en nog even dit:

(Bron: Nederlandse Familienamenbank)
Toponiem

Zeer veel familienamen zijn van toponiemen (aardrijkskundige namen) afgeleid. Deze namen geven aan waar men vandaan kwam (herkomstnamen), welk gebied of landgoed men bezat of beheerde, of welke huizen men al dan niet met bijhorend land in eigendom of huur had.

Bij deze laatste groep duiden de namen tevens aan waar men woonde. (Straatnummers waren immers nog niet ingevoerd!) Dit type naam wordt dan ook wel met de term 'adresnaam' van de herkomstnamen onderscheiden. Herkomstnamen gaan voornamelijk terug op namen van steden, dorpen en landen; adresnamen op microtoponiemen: namen van huizen, velden, waterlopen, straten. De elite die zich naar haar bezittingen noemde, plaatste zich als het ware tussen deze categorieën in.

Adaptatie

Vóór de vastlegging in hun definitieve vorm bij de invoering van de burgerlijke stand in de eerste helft van de 19de eeuw waren familienamen nog aan verandering onderhevig. Registratie vond vaak op het gehoor plaats: een klerk of kerkelijke dienaar noteerde een naam in een akte of schrift zoals hij een naam verstond. Dat wil zeggen zoals hij een naam thuis kon brengen in zijn namenwereld. Veel comparanten beheersten de schrijfkunst niet, zodat zij hem niet konden helpen.

Men kan zich voorstellen dat vooral namen die van verre kwamen problemen opleverden in uitspraak en schriftelijke weergave. Buitenlandse namen werden veelal getransformeerd in een Nederlandse vorm. Dat kon op betrekkelijk eenvoudige en doorzichtige wijze gebeuren (Wetselaar < Wezlar, Caljouw < Cailloux, Brus < Bruce), door vertaling (Zuurdeeg < Sauerteig, Cannegieter < Kannegiesser) of volgens een 'volksetymologisch' procedé waarbij namen associatief aan herkenbare woorden gingen beantwoorden (Piekhaar < Picard, Schattelijn < Chatillon, De Nijs < Denis, Traanboer < Traunbauer, Stokje < Stöcky). Soms werd een buitenlandse naam op volstrekt onnavolgbare wijze 'aangepast': de buitenlander was onverstaanbaar en/of de klerk raakte de kluts kwijt, zoals bv bij Roetcisoender uit Rutischhausen.



Opslag op boerderij Schulze-Veltrup


Familiewapen Veltrup